Guido Geelen

teksten

Limburgse zoon van smid bekend en gevierd kunstenaar

26 juli, Nieuwsklok

project Monument voor de herinnering aan de toekomst Oisterwijk

Guido Geelen maakt het 800 kunstwerk-monument


Guido Geelen, zoon van een smid uit het Limburgse Thorn waar zijn moeder een winkel dreef in potten en pannen, spijkers, fietsen, wasmachines en alle soorten en maten ijzeren spullen, durfde zichzelf pas laat toe te staan zichzelf een kunstenaar te noemen. Nu is hij een befaamd kunstenaar die je gearriveerd zou mogen noemen, ware het niet dat hij de lat nog steeds zo hoog legt als iemand die aan het begin staat van zijn loopbaan. Het resultaat van zijn landelijk en internationaal gewaardeerd kunstenaarschap is vanaf 12 december in Oisterwijk te zien. Op 12-12-12 wordt een kunstwerk van zijn hand onthuld dat een monument is voor Oisterwijk 800.


Opdrachtgever Stichting Oisterwijk 800 wilde voor dat doel het beste is huis halen en kwam via bemiddeling van het Brabants Kenniscentrum Kunst en Cultuur in Tilburg uit bij de in 1961 geboren Guido Geelen. Zij bekendste kunstwerk in de openbare ruimte – dus voor iedereen zichtbaar - in Midden-Brabant is het Monument tegen Zinloos Geweld aan de zuidzijde van de Heikese kerk in Tilburg. Dit kunstwerk bestaat uit een bronzen kast waarin voorwerpen van mensen die te maken hebben gehad met zinloos geweld tentoongesteld kunnen worden. Dit kunstwerk-monument heeft het in zich om over honderd jaar nog van maatschappelijke en culturele betekenis te zijn, een onderdeel van het erfgoed. Dat oogmerk heeft de Stichting Oisterwijk 800 ook met het monument dat door Guido Geelen wordt gemaakt.


Guido Geelen (1961) is de jongste van zeven kinderen. Zijn ouders zijn overleden, maar hij kan met warmte vertellen over de hechte band die tussen de kinderen bestaat. Zijn artistieke aanleg werd thuis aangewakkerd. “Als je gestimuleerd wordt in waar je goed in bent, word je al vooruit geholpen”, zegt hij in zijn atelier in Tilburg. “Mijn ouders gaven me alle ruimte.”Tot zijn Havo-pakket behoorde tekenen. Hij ging naar de Tehatex (Tekenen, Handvaardigheid en Textiele Werkvormen) en kwam zo in Tilburg terecht. Hoewel hij er nog voor waakte om zich kunstenaar te noemen, groeiden daar zijn ambities hard. Terwijl hij nog op school zat, had Guido Geelen al een eigen atelier. “Ik trok mijn eigen plan”, blikt hij terug op die periode en daarin is hij behoorlijk zichzelf gebleven, een conclusie die iedereen kan trekken op basis van zijn werk. In 2000 bijvoorbeeld ontving hij de Dr. A.H. Heinekenprijs voor de kunst ‘voor zijn onorthodoxe wijze’ waarop hij het gebruik van klei ‘een vernieuwende impuls’ had gegeven.


Kunstenaarschap is een beroep

Kenmerkend voor zijn persoon is dat hij ondanks zijn onorthodoxheid en zijn succes als kunstenaar wel met beide benen op de grond is blijven staan, een kwaliteit die door de Stichting Oisterwijk 800 hooglijk wordt gewaardeerd. “Pas toen ik er goed van kon leven. Toen het werk op verschillende plaatsen te zien was, ook museaal. Kortom, toen er een publiek voor mijn werk was, durfde ik me beeldend kunstenaar te noemen”, is in dit opzicht een voor hem kenmerkende uitspraak. “Het is een bijzonder mooi vak, maar het is ook een kwetsbaar beroep. Nu wordt het kunstenaarschap door een bepaalde groep in de samenleving gezien als een linkse hobby. Voor mij is het een verantwoordelijk en voor de samenleving waardevol beroep


Een jaar na het Tehatex-examen kon Guido Geelen zijn eerste solotentoonstelling op zijn palmares schrijven. Al snel werden werken van hem gekocht door Köller-Müller Museum, Museum Boijmans Van Beuningen, Noordbrabants Museum en Museum De Pont. Dat Tilburgse museum voor hedendaagse kunst biedt, naast de ‘kast’ bij de Heikese kerk, nog een voor inwoners van de gemeente Oisterwijk dichtbije mogelijkheid om werk van Guido Geelen te bekijken. “Ik ben er dag en nacht mee bezig. Het is keihard werken. De reflectie met wat je doet moet zo intensief zijn, dat het beste van wat je in je hebt boven komt.”